OORLOGSMISDADEN
nov13
OORLOGSMISDADEN
Dane Beerling
De voormalige verzetsmensen in de tijd van de Duitse bezetting van Nederland, worden, volkomen terecht!, steeds met ere herdacht. Dat gebeurt bijvoorbeeld ook tijdens Indiëherdenkingen met de Nederlandse militairen die destijds namens Nederland vochten tegen de Indonesische vrijheidsstrijders die zich verzetten tegen de Nederlandse bezetting van hun land.
Dat lijkt me meten met twee maten.
Er zijn nu nog Nederlandse ex-militairen, ouder dan negentig jaar!, die spijt hebben van de oorlogsmisdaden begaan in de Republiek Indonesië en die er nog immer slapeloze nachten van hebben. Door over die misdaden te zwijgen en daarvoor in de plaats te wijzen op de misdaden van de kant van Indonesiërs tijdens hún vrijheidsstrijd, zoals de VVD‘er Han ten Broeke doet, vrees ik dat die slapeloze nachten de ex-politionele acties strijders zullen blijven kwellen.
Han ten Broeke wordt bedankt!
Toen de Duitsers, nadat ze waren verslagen, uit Nederland vertrokken bleven in Duitsland zelf toch heel wat lui op hoge posities zitten, posities die ze al hadden tijdens Hitlers bewind, ook zij die uitkienden hoe Joden snel en efficiënt konden worden vermoord.
Laten we eens fantaseren dat ook Hitler zélf en zijn naaste trawanten na de oorlog nog leefden en hún posities behielden, en dat zij de door hen verloren bezette gebieden, waaronder Nederland, wilden terughebben en daarom opnieuw een oorlog waren begonnen met de naam “Politionele Acties”. De geschiedenis van het verzet tijdens de jaren 1940-1945 zou zich dan prompt herhalen, lijkt me. En volkomen terecht.
Nu geen fantasie, maar in het echt de Nederlandse “Politionele Acties”.
Nadat Japan de Amerikaanse haven Pearl Harbor had gebombardeerd en veel van de Amerikaanse schepen en vliegtuigen daar had vernietigd, verklaarde, in opdracht van Koningin Wilhelmina, Nederlands-Indië de oorlog aan Japan. Japan stoomde daarop op naar Nederlands-Indië en bracht een groot deel van de geallieerde vloot onder leiding van Schout-bij-nacht Karel Doorman tot zinken om vervolgens Nederlands-Indië te bezetten. Veel van de Nederlanders daar werden in Japanse Kampen opgesloten, leden honger en werden door de Japanse bewakers getreiterd en nog erger. Verreweg het grootste deel van de Nederlanders van Indo-Europese afkomst – voornamelijk vrouwen en kinderen – op Java, ging niet de Japanse kampen in, maar moest zelf maar zien hoe, zonder inkomen, rond te komen en in leven te blijven. Ook deze vrouwen en kinderen leden honger en ontkwamen niet aan Japans getreiter en nog erger.
De Nederlandse KNIL-militairen, waaronder Indo’s en ook Indonesiërs, werden sowieso in kampen gestopt en werden vaak, en onder gruwelijke omstandigheden, aan spoorwegen e.d. tewerkgesteld. Van de Indonesische bevolking waren het vooral de Romusha’s (jonge Indonesische mannen door Soekarno aan de Japanners aangeboden) die dat zware werk ook moesten doen. Velen stierven.
Tenslotte verloor Japan de strijd en moest capituleren. Nederland meende dat, nu de Japanse bezetting achter de rug was, Indonesië weer braakliggend terrein was en dus opnieuw door haar bezet kon worden. De Indonesiërs intussen, zoals Soekarno en de zijnen, zagen hun kans schoon om een vrij land te worden en riepen de Republik Indonesia uit, maar die veegden de Nederlanders onmiddellijk van tafel. Schepen vol dienstplichtigen, oorlogsvrijwilligers en een contingent ex-oostfrontstrijders werden naar de ´Republik Indonesia´ gestuurd om die met geweld teniet te doen onder de noemer “Politionele Acties” met als motto “Operatie Product”, waarbij oorlogsmisdaden van Nederlandse kant niet werden geschuwd, en waarom, nu ruim negentig jaar oude soldaten van toen daarvan nog steeds slapeloze nachten hebben.
_______________
